Q&A omtrent regionalisering


Waarom regionale samenwerking?

Directe aanleiding voor de samenwerking is de voorwaarde van Zilveren Kruis om per 1 januari 2022 regionale huisartsenorganisatie te hebben staan om aanspraak te kunnen maken op de O&I financiering.

Deze samenwerking biedt nieuwe mogelijkheden, want de eerste lijn staat voor grote uitdagingen. De vraag naar zorg neemt toe door vergrijzing en het vaker voorkomen van chronische ziekten. Mensen wonen langer thuis en medisch specialistische zorg verschuift naar de huisartsenpraktijken. Als antwoord op deze groeiende zorgvraag is betere samenwerking in de eerste lijn belangrijk. Door samen op te trekken kunnen huisartsenpraktijken beter ondersteund worden om goede zorg te leveren voor de patiënt en worden we gezien als partner in de regio en een krachtig aanspreekpunt voor de zorgverzekeraar.

In het concept regioplan kunt u meer lezen over de achtergrond van de regionale samenwerking. Dit plan is nog in ontwikkeling. 

Heeft u vragen of wilt u reageren? Neem dan contact op met Stijn Strous, s.strous@izer  / (06) 316 639 88 of Martine Uil, M.uil@izer /(06) 443 547 91.

Hoe is het proces tot nu toe verlopen?

De betrokken organisaties zijn sinds 2018 met elkaar in gesprek over hoe de regio-organisatie eruit komt te zien. Dit was een ingewikkeld proces waarbij meerdere scenario’s de revue zijn gepasseerd en lange tijd geen overeenstemming over de richting kon worden bereikt.

Het bestuur van IZER heeft ingezet op een brede regio-organisatie met voldoende mandaat om hiermee met recht hét aanspreekpunt voor huisartsen in de regio te kunnen zijn. Dit had onvoldoende draagvlak bij de ander partijen.  Er is daarom voor gekozen om nu een regionale O&I organisatie uit te werken en in een latere fase toe te werken naar die breed gedragen regio-organisatie waar ook de huisartsenpost en de LHV-kring onderdeel van zijn.

Deze memo geeft meer inzicht in de totstandkoming van het huidige plan.

Wat betekenen deze ontwikkelingen voor mijn huisartsenpraktijk?

Voor uw praktijk betekent dit dat u gebruik kunt blijven maken van de ketenzorgprogramma’s zoals die er nu al zijn tegen een vergelijkbaar tarief. Daarnaast komen er extra financiering en  ondersteuningsaanbod voor nieuwe thema’s beschikbaar, zoals bijvoorbeeld toekomstbestendige huisartsenzorg, ouderenzorg, meekijkconsult, ICT en wijkmanagement.

Met de komst van de O&I financiering wordt er een gelijk speelveld gecreëerd, waarin dezelfde prestatie leidt tot dezelfde financiering, onafhankelijk hoe de huisartsenpraktijk georganiseerd is.
Ten opzichte van de huidige situatie ontstaan er dus meer kansen voor kleine huisartsenpraktijken om met de thema’s uit het regioplan (concept) aan de slag te gaan.

Welke organisaties zijn betrokken bij de regionale samenwerking?

De invulling van de regionale O&I organisatie is het resultaat van de gesprekken tussen vertegenwoordigers van Het Netwerk, Gezond op Zuid, ZonBoog en IZER.

De LHV-kring, Huisartsenposten Rijnmond, Cohaesie en Samergo (voorheen Zorgimpuls) zijn ook nauw betrokken bij de afspraken. Stip op de horizon is om met deze organisaties toe te groeien naar een breed gedragen regio-organisatie die hét aanspreekpunt voor de huisartsen wordt.

Wat wordt het aanbod van de nieuwe organisatie?

De regionale O&I organisatie maakt financiële afspraken met de zorgverzekeraar en biedt de aangesloten huisartsenpraktijken, indien gewenst, ondersteuning bij het uitvoeren van de bijbehorende plannen. In het regioplan (concept) is per thema uitgewerkt wat de kaders zijn om deel te nemen. Het is van belang om enerzijds gezamenlijk te blijven ontwikkelen en innoveren en anderzijds ruimte te laten voor eigen uitvoering. Om hier recht aan te doen is het voorstel te werken met een cafetariamodel.

Dit is een model waarbij de partijen in de regio hun ondersteuningspakket (deels) zelf kunnen samenstellen. Iedereen is verplicht om een beperkt deel af te nemen via de regio en er is de nodige keuzevrijheid om zich al dan niet te laten ondersteunen. De definitieve indeling wordt nog opgesteld en hierover wordt u geïnformeerd. Voorlopig is de indeling als volgt:



Daarnaast willen we ruimte creëren voor initiatieven vanuit de praktijk. Het huidige s3 budget van de regiotafel is al jaren onderbenut terwijl er voldoende mooie initiatieven zijn in de wijk. Deze moeten financieel en organisatorisch kunnen worden ondersteund vanuit een nieuwe regio-tafel, waarbij aanvragen laagdrempelig kunnen worden gedaan.

Hoe houden we als huisartsen zeggenschap over de nieuwe organisatie?

De nieuwe organisatie wordt, net als het huidige IZER, een organisatie van, voor en door huisartsen. Inbreng van huisartsen is de basis van alle te ontwikkelen programma’s. Dit is terug te zien in de beoogde structuur van de regionale O&I-organisatie. Onderstaande geeft die structuur weer, de details worden nog aangescherpt en afgestemd.

Lidmaatschap
Het lidmaatschap van de nieuwe organisatie staat open voor alle huisartsen. Ook stichtingen en andere rechtspersonen krijgen de mogelijkheid om lid te worden. Er worden geen bijzondere rechten toegekend aan deze leden.

Ledenraad
Er wordt gekozen voor een ledenraad in plaats van een Algemene Leden Vergadering. De ledenraad van de nieuwe organisatie bestaat uit circa 15-20 leden, die een afspiegeling vormen van de huisartsen in de regio. Dit betekent dat gekeken wordt naar regiospreiding en type arts (praktijkhouder, in loondienst, waarnemer). De ledenraad bestaat hoofdzakelijk uit huisartsen, daarnaast is er ook ruimte voor niet-huisartsen, bijvoorbeeld bestuurders of praktijkmanagers. De verhouding wordt nog bepaald, de denkrichting is ca. 70- 30.

Bestuur
Het bestuur bestaat in de nieuwe situatie ook alleen uit huisartsen. Bestuursleden zitten zonder last of ruggenspraak in het bestuur en dienen het belang van de nieuwe organisatie. De bestuursleden worden benoemd na goedkeuring van de ledenraad.

Vakgroepen
De vakgroepen bepalen de inhoudelijke richting van het regioplan. Bij de invulling van de vakgroepen blijven we nadrukkelijk zoeken naar deelnemers van verschillende typen huisartsenorganisaties. In de vakgroepen kunnen afhankelijk van het thema huisartsen, POH’s, doktersassistentes, managers, financials en bestuurders plaatsnemen.

Directie
Het bestuur en de Raad van Commissarissen (RvC) beoordelen, benoemen en ontslaan de directie en kunnen de directie aanwijzingen geven. De directie wordt uitgebreid met een medisch directeur.

Welke rol neemt de O&I-organisatie in de vertegenwoordiging van huisartsen in de regio?

De huisartsenzorg is versnipperd georganiseerd. De huisartsen zouden meer regie kunnen nemen als zij zich gezamenlijk presenteren naar de partners in de stad, zoals ziekenhuizen, VVT, gemeente en zorgverzekeraar. Deze partners hebben ook behoefte aan één aanspreekpunt voor huisartsen in de regio.

De nieuwe O&I-organisatie is een stap in de goede richting om naar één aanspreekpunt toe te werken en zoekt nadrukkelijk de aansluiting met andere huisartsenorganisaties zoals de LHV-kring, Cohaesie en de Huisartsenposten Rijnmond om gezamenlijk de huisartsen in de regio te vertegenwoordigen.

Is er een alternatief voor deze vorm van samenwerking?

De zorgverzekeraar stelt als voorwaarde dat er 1 kassier is om op de O&I-financiering aanspraak te kunnen maken. Er is uitgewerkt wat nodig is om de centrale kassier in te richten als “lege huls” om zo te voldoen aan de eisen van Zilveren Kruis om daarna het geld achter de voordeur te kunnen verdelen over de bestaande organisaties.

Er gaat enorm veel regelgeving en daarmee kosten gemoeid om een dergelijke organisatie op te tuigen. In dit scenario zou dus veel geld wat bedoeld is voor zorg, gestoken moeten worden in het creëren van een extra laag tussen zorgverzekeraar en huisartsenpraktijk. Ook zouden de organisaties steeds apart het wiel blijven uitvinden, wat vertragend werkt op de ontwikkelingen in de regio.

We hebben dit scenario dus als een ongunstig alternatief geduid en zien het voorliggende plan als de beste haalbare optie voor de regio.